ECLI:NL:RVS:2009:BK2922
Raad van State
- Eerste aanleg - meervoudig
- J.H. van Kreveld
- C.W. Mouton
- Th.C. van Sloten
- Rechtspraak.nl
Intrekking vergunning lozing regenwater op strand Egmond aan Zee
De staatssecretaris van Verkeer en Waterstaat heeft op verzoek van het college van burgemeester en wethouders van Bergen (N-H) de vergunning voor het lozen van met regenwater verdund rioolwater via een overstortconstructie op het Noordzeestrand ingetrokken per 1 januari 2015, met de verplichting om de lozing van gemengd rioolwater te beëindigen per 1 januari 2011. Stichting de Noordzee en andere hebben hiertegen beroep ingesteld.
Zij stelden dat ook de lozing van hemelwater per 1 januari 2011 beëindigd moest worden vanwege verontreinigingen en gezondheidsrisico's, en dat het uitstellen van volledige sanering tot 2015 in strijd is met het voorzorgsprincipe. De staatssecretaris voerde aan dat het economisch niet haalbaar is om de lozing eerder te beëindigen en dat de waterkwaliteitsdoelstellingen niet in gevaar zijn.
De Raad van State oordeelde dat het bevoegd gezag moet beslissen op basis van de aanvraag van het college, waarin werd verzocht de vergunning per 1 januari 2015 in te trekken. Eerder intrekken zou afwijken van de aanvraag en het wettelijke stelsel. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard.
Er werd geen aanleiding gezien voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak werd gedaan door de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State op 11 november 2009.
Uitkomst: Het beroep tegen de intrekking van de vergunning voor lozing van regenwater op het strand van Egmond aan Zee wordt ongegrond verklaard.