ECLI:NL:RVS:2009:BK2925
Raad van State
- Hoger beroep
- C.H.M. van Altena
- G.A.A.M. Boot
- Rechtspraak.nl
Bevestiging vergunning voor gedeeltelijke sloop binneninrichting in beschermd stadsgezicht Middelburg
Het college van burgemeester en wethouders van Middelburg verleende op 8 augustus 2007 een vergunning voor het gedeeltelijk slopen van de binneninrichting van panden aan de Koningstraat 4, 6, 14, 16 en 18 in Middelburg, gelegen in een beschermd stadsgezicht. De Belangenvereniging van A tot Z en een inwoner van Middelburg maakten bezwaar tegen deze vergunning, dat door het college gegrond werd verklaard waarna de vergunning opnieuw werd verleend.
De rechtbank Middelburg verklaarde de beroepen van de Belangenvereniging en de inwoner tegen deze vergunning ongegrond. Hiertegen werd hoger beroep ingesteld bij de Raad van State. De Afdeling bestuursrechtspraak heeft het hoger beroep behandeld en geoordeeld dat geen van de weigeringsgronden uit de Bouwverordening van Middelburg zich voordoen. Het betreft geen beschermd monument maar een beschermd stadsgezicht, waardoor de vergunning terecht is verleend op grond van artikel 37 van Pro de Monumentenwet 1988.
De stellingen van appellanten dat het college de vergunning zou hebben verleend om kraken tegen te gaan en dat de Leegstandswet van toepassing zou zijn, werden verworpen omdat deze niet tot de weigeringsgronden behoren. Ook het beroep op het verbod van détournement de pouvoir faalde. Verzoeken om schadevergoeding werden afgewezen omdat het beroep ongegrond werd verklaard. De uitspraak van de rechtbank werd bevestigd zonder proceskostenveroordeling.
Uitkomst: De Raad van State bevestigt de vergunning voor gedeeltelijke sloop in het beschermd stadsgezicht en verklaart het hoger beroep ongegrond.