ECLI:NL:RVS:2009:BK4312
Raad van State
- Eerste aanleg - meervoudig
- K. Brink
- H. Borstlap
- W. Sorgdrager
- Rechtspraak.nl
Vernietiging vergunning genetisch gemodificeerde maïs wegens onvoldoende bekendmaking locatie veldproeven
De minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer verleende op 27 maart 2008 een vergunning aan Pioneer voor veldproeven met genetisch gemodificeerde maïs in meerdere gemeenten. Greenpeace Nederland en anderen stelden beroep in tegen dit besluit, stellende dat de minister niet de exacte locaties van de proefvelden had bekendgemaakt, wat in strijd zou zijn met artikel 25, vierde lid, van richtlijn 2001/18/EG.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State oordeelde dat het nationale recht de verplichting tot het openbaar maken van de precieze locatie niet juist had geïmplementeerd en dat de minister ten onrechte volstond met een globale locatieaanduiding. De Raad verwees naar vaste jurisprudentie van het Hof van Justitie van de Europese Gemeenschappen, waarin werd bevestigd dat de plaats van introductie niet vertrouwelijk mag blijven.
De Raad stelde vast dat de minister onvoldoende inzicht gaf in de precieze geografische ligging van de proefvelden, terwijl dit noodzakelijk is om de naleving van risicobeperkende maatregelen zoals isolatieafstanden te kunnen beoordelen. De vrees voor sabotage of bedrijfsbeveiliging kan geen rechtvaardiging vormen om deze informatie achter te houden.
Gelet hierop verklaarde de Raad het beroep voor zover ontvankelijk gegrond, vernietigde het bestreden besluit en veroordeelde de minister tot vergoeding van proceskosten en griffierecht aan Greenpeace Nederland en andere appellanten.
Uitkomst: Het besluit van de minister om een vergunning te verlenen voor veldproeven met genetisch gemodificeerde maïs wordt vernietigd wegens onvoldoende bekendmaking van de exacte locatie van de proefvelden.