ECLI:NL:RVS:2009:BK4364
Raad van State
- Hoger beroep
- W. Konijnenbelt
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing huurtoeslag 2006 wegens overschrijding inkomensgrens
Appellante maakte bezwaar tegen het besluit van de Belastingdienst om haar huurtoeslag over 2006 definitief vast te stellen op nul euro, vanwege een overschrijding van de inkomensgrens met €54. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en de Raad van State bevestigt deze uitspraak in hoger beroep.
De Afdeling bestuursrechtspraak overwoog dat de toepasselijke wettelijke regeling, de Algemene wet inkomensafhankelijke regelingen (Awir) en de Uitvoeringsregeling, geen ruimte bieden om artikel 7, derde lid, van de Awir buiten toepassing te laten, behalve in de in de Uitvoeringsregeling genoemde gevallen. De geringe overschrijding van de inkomensgrens leidt niet tot een onbillijkheid van overwegende aard.
Daarnaast oordeelde de Afdeling dat de door appellante aangevoerde strijd met de Algemene wet gelijke behandeling en de Grondwet niet slaagt, omdat de regeling niet discrimineert en de draagkrachtverschillen niet onrechtmatig worden behandeld. Ook kon de Afdeling niet ingaan op het verzoek om de minister van Financiën te verzoeken een maatregel te treffen, omdat dit buiten het geding valt en de minister geen partij is.
Het hoger beroep is derhalve ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep tegen de afwijzing van de huurtoeslag 2006 is ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.