ECLI:NL:RVS:2009:BK4381
Raad van State
- Hoger beroep
- J.E.M. Polak
- W.D.M. van Diepenbeek
- B.P. Vermeulen
- Rechtspraak.nl
Afwijzing tegemoetkoming kosten aangepast vervoer voor leerling speciaal onderwijs
Het college van burgemeester en wethouders van Leeuwarden wees een aanvraag af voor tegemoetkoming in de kosten van aangepast vervoer voor de zoon van appellant naar de Obadjaschool, een school voor speciaal onderwijs. Het bezwaar en het beroep bij de rechtbank werden ongegrond verklaard. Appellant stelde hoger beroep in bij de Raad van State.
De kern van het geschil betrof de vraag of de zoon van appellant, die het syndroom van Down en PDD-NOS heeft, onder begeleiding gebruik kan maken van het openbaar vervoer en of de reistijd met aangepast vervoer ten minste 50% korter is dan met openbaar vervoer. Het college baseerde zich op een advies van een GGZ-arts die concludeerde dat de zoon met begeleiding het openbaar vervoer kan gebruiken en dat de reistijdwinst onvoldoende is.
De Raad van State oordeelde dat het advies van de GGZ-arts voldoende onderbouwd is en dat het bezwaar van appellant tegen de juistheid van dit advies niet slaagt. Ook de berekening van de reistijd en de afwijzing van de aanvraag op grond van de verordening zijn rechtmatig. Er is geen sprake van een bijzonder geval dat toepassing van de hardheidsclausule rechtvaardigt. Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en het besluit tot afwijzing van de tegemoetkoming in vervoerskosten bevestigd.