ECLI:NL:RVS:2009:BK7975
Raad van State
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- R.W.L. Loeb
- D.A.B. Montagne
- Rechtspraak.nl
Bevestiging bouwvergunning voor lichtmasten ondanks bezwaar om lichthinder
Het college van burgemeester en wethouders van Breda verleende op 28 februari 2006 een bouwvergunning aan de tennisvereniging voor het plaatsen van acht lichtmasten van 15 meter hoog op een perceel aan de Trompenburgstraat 4 te Breda. Na bezwaar en een nadere eis met betrekking tot zijwaartse lichtafscherming, werd het beroep van appellant tegen dit besluit door de rechtbank Breda ongegrond verklaard.
Appellant stelde in hoger beroep dat het welstandsadvies te algemeen was en onvoldoende rekening hield met de lichthinder en een rapport uit 2005. De Raad van State oordeelde dat de commissie Welstand de verlichting als onderdeel van het bouwplan adequaat had beoordeeld en dat het college zich terecht op het advies had gebaseerd. Tevens werd geoordeeld dat het college het rapport had betrokken bij het stellen van nadere eisen en dat de nadere eis niet zodanig ver ging dat de bouwmogelijkheid geheel werd uitgesloten.
Verder faalden de bezwaren van appellant over CO2-uitstoot, geluidshinder en vermeende toezeggingen uit 1982. De Raad van State bevestigde de uitspraak van de rechtbank Breda en wees het verzoek om voorlopige voorziening af. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De Raad van State bevestigt de bouwvergunning met nadere eis en wijst het hoger beroep en verzoek om voorlopige voorziening af.