Uitspraak
200300245/1). De minister is er naar het oordeel van de rechtbank niet in geslaagd de ontvangst van dit faxbericht op een niet ongeloofwaardige wijze te ontkennen.
Raad van State
De minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid legde aan wederpartij een boete van € 9.000,- op wegens overtreding van de Arbeidsomstandighedenwet. Wederpartij maakte bezwaar, dat de minister niet-ontvankelijk verklaarde omdat het bezwaar geen gronden zou bevatten. De rechtbank oordeelde echter dat wederpartij tijdig de gronden van haar bezwaar per fax had toegezonden, wat aannemelijk werd gemaakt met een verzendrapport. De rechtbank vernietigde het besluit tot niet-ontvankelijkheid.
De minister stelde in hoger beroep dat de rechtbank ten onrechte had geoordeeld en dat de ontvangst van het faxbericht niet kon worden bevestigd. De Raad van State oordeelde dat de rechtbank terecht had verwezen naar eerdere jurisprudentie en dat de minister onvoldoende bewijs had geleverd om het verzendrapport te betwisten.
Het hoger beroep van de minister werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd. Tevens werd de minister veroordeeld tot vergoeding van proceskosten aan wederpartij en werd het griffierecht vastgesteld.
Uitkomst: Het hoger beroep van de minister wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.