Uitspraak
200700615/1) dat deze beleidsregels de grenzen van de in artikel 35 van Pro de Wjsg aan de minister gegeven bevoegdheid niet te buiten gaan, en dat de minister, in aanmerking genomen de in de beleidsregels vermelde belangen, in redelijkheid tot het vaststellen van dit beleid heeft kunnen komen. De rechtbank heeft met juistheid geoordeeld, mede gelet op hetgeen hiervoor is overwogen, dat de belangen omschreven in de Beleidsregels VOG-NP-RP 2004 dezelfde zijn als die omschreven in de Beleidsregels VOG-NP-RP 2008, zodat de jurisprudentie van de Afdeling ook van toepassing is op de huidige beleidsregels en ook dit beleid niet onredelijk moet worden geoordeeld. Het betoog faalt.