Uitspraak
200608492/1), dat voor het antwoord op de vraag of een huurder als belanghebbende bij een besluit tot verlening van een vergunning tot splitsing kan worden aangemerkt, bepalend is in hoeverre die vergunning het woonrecht eerbiedigt en in hoeverre die vergunning van invloed is op de woonsituatie van de huurder. De rechtbank is tot het oordeel gekomen dat de bij het besluit van 29 september 2008 verleende vergunning het woonrecht van [wederpartij] eerbiedigt maar dat deze vergunning wel wijziging brengt in de woonsituatie van eiser, gelet op de door [vergunninghoudster] uitgevoerde werkzaamheden. Het dagelijks bestuur heeft het bezwaar van [wederpartij] dan ook ten onrechte niet-ontvankelijk verklaard, aldus de rechtbank.