Uitspraak
200204607/1. Het alsnog gedeeltelijk weigeren van de verklaring is niet in strijd met de algemene beginselen van behoorlijk bestuur.
Raad van State
Het college van gedeputeerde staten van Gelderland verleende op 23 november 2007 een verklaring op grond van artikel 8.19 van de Wet milieubeheer aan Heinhuis Recycling voor een verandering van haar inrichting. Na bezwaar van omwonenden werd deze verklaring op 24 maart 2009 gedeeltelijk geweigerd voor onderdelen als verharding buitenterrein, afschermingsdimensies en opslaglocaties.
Heinhuis Recycling stelde dat het college onterecht de verklaring had geweigerd, onder meer omdat een akoestisch rapport aantoonde dat de veranderingen geen hogere geluidbelasting veroorzaakten. Het college stelde dat het rapport was gebaseerd op onjuiste uitgangspunten, zoals een niet gemelde verhoging van het maaiveld en onjuiste bronsterktegegevens.
De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat het akoestisch rapport inderdaad uitgaat van een andere bedrijfssituatie dan vergund, waardoor niet kan worden uitgesloten dat de veranderingen grotere milieueffecten veroorzaken. Het college handelde terecht door de verklaring voor genoemde onderdelen te weigeren. Het beroep werd ongegrond verklaard en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep van Heinhuis Recycling wordt ongegrond verklaard en de gedeeltelijke weigering van de verklaring Wet milieubeheer bevestigd.