ECLI:NL:RVS:2010:BL8678
Raad van State
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Th.G. Drupsteen
- T.L.J. Drouen
- Rechtspraak.nl
Vaststelling handhaving last onder dwangsom wegens overschrijding geluidgrenswaarden in horeca-inrichting
Het college van burgemeester en wethouders van Leeuwarden legde op 28 juli 2009 aan appellante een last onder dwangsom op wegens overtreding van geluidgrenswaarden zoals vastgelegd in artikel 2.17 van het Activiteitenbesluit milieubeheer. Deze overtreding werd vastgesteld aan de hand van geluidmetingen van februari en april 2009 die overschrijding van de maximale geluidniveaus aan de gevel van gevoelige gebouwen aantoonden.
Appellante voerde aan dat de geluidmetingen onjuist waren en dat zij mocht vertrouwen op een eerder gemaakte afspraak met de gemeente over een binnenniveau van 86 dB(A), die volgens haar niet werd overschreden. De Raad van State oordeelde dat de geluidmetingen juist zijn toegepast en dat het college terecht handhavend optrad, mede omdat de gemaakte afspraken niet langer golden na latere metingen.
Verder werd geoordeeld dat de brieven waarin het college aankondigde tot invordering van de dwangsommen over te gaan geen besluiten in de zin van de Algemene wet bestuursrecht zijn, zodat bezwaar daartegen niet ontvankelijk kon worden verklaard. Het college had het bezwaar ten onrechte ontvankelijk verklaard en ongegrond verklaard, hetgeen door de Raad van State werd vernietigd. De Afdeling verklaarde het bezwaar alsnog niet-ontvankelijk. Het beroep werd voor het overige ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep wordt gedeeltelijk gegrond verklaard en het bezwaar tegen de invorderingsbrieven wordt niet-ontvankelijk verklaard.