ECLI:NL:RVS:2010:BM1030
Raad van State
- Eerste aanleg - meervoudig
- J.H. van Kreveld
- W.J. Deetman
- Y.E.M.A. Timmerman-Buck
- Rechtspraak.nl
Ongegrond verklaring beroep tegen vaststelling hogere waarden geluidbelasting N201-A4
Het college van gedeputeerde staten van Noord-Holland stelde op 17 juni 2009 hogere waarden vast voor geluidbelasting ten behoeve van de aanleg van twee nieuwe aansluitingen van de N201 op de rijksweg A4. Dit besluit werd op 3 juli 2009 ter inzage gelegd. Appellant stelde beroep in tegen dit besluit, stellende dat onvoldoende is verzekerd dat gevelisolerende maatregelen worden getroffen om de geluidbelasting binnen de woning te beperken.
De Raad van State overwoog dat volgens de Wet geluidhinder eerst na vaststelling van hogere waarden wordt beoordeeld of gevelisolerende maatregelen noodzakelijk zijn. De verplichting tot isolatie wordt geregeld in artikel 112 van Pro de Wet geluidhinder en is niet direct onderdeel van de rechtmatigheidstoets van het besluit hogere waarden. Ook het bezwaar dat de woning niet is geïsoleerd tegen geluid van luchthaven Schiphol is irrelevant voor deze procedure.
Het akoestisch rapport waarop het college zich baseerde, werd als voldoende betrouwbaar beschouwd. De stelling van appellant dat de geluidbelasting hoger zou kunnen zijn dan vastgesteld, was onvoldoende onderbouwd. Daarom werd het beroep ongegrond verklaard en werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen het besluit tot vaststelling van hogere waarden geluidbelasting is ongegrond verklaard.