ECLI:NL:RVS:2010:BM5616
Raad van State
- Hoger beroep
- R.W.L. Loeb
- C.W. Mouton
- J.C. Kranenburg
- Rechtspraak.nl
Bevestiging uitspraak rechtbank inzake vrijstelling bouwplan bedrijfsruimte met kassen
Het college van burgemeester en wethouders van Lansingerland verleende op 22 oktober 2007 vrijstelling van het bestemmingsplan en een bouwvergunning voor het oprichten van een bedrijfsruimte met kassen en kantoorruimte op een perceel te Berkel en Rodenrijs. Tegen dit besluit maakte appellant bezwaar, dat door het college werd afgewezen. De rechtbank Rotterdam vernietigde het besluit op 10 juni 2009, maar liet de rechtsgevolgen daarvan in stand.
Appellant stelde hoger beroep in bij de Raad van State. Hij voerde aan dat het college niet in redelijkheid vrijstelling had kunnen verlenen en dat het bouwplan niet in overeenstemming was met het ontwerp-bestemmingsplan 2006. Tevens stelde appellant dat milieuaspecten onvoldoende waren meegewogen en dat het bouwplan niet voldeed aan de planvoorschriften, onder meer vanwege situering van bebouwing buiten het bebouwingsvlak en overschrijding van de toegestane goothoogte.
De Raad van State oordeelde dat het hoger beroep ongegrond is. De situering van de bebouwing was aangepast in het ontwerp 2006, waardoor het bouwplan binnen het bebouwingsvlak valt. De goothoogte van 8 meter past binnen de mogelijkheid tot vrijstelling tot 8,4 meter. Het gebouw voldoet aan de definitie van een kas en de productie van biologische bestrijdingsmiddelen en bestuiving met hommels valt binnen de bestemming van bijzonder agrarisch toeleveringsbedrijf. De aangevallen uitspraak van de rechtbank wordt bevestigd en er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: De Raad van State bevestigt de uitspraak van de rechtbank en verklaart het hoger beroep ongegrond.