Uitspraak
200902288/1/H1), brengt artikel 20, vijfde lid, van het Bro 1985 niet met zich dat als op 31 oktober 2003 geen handhavingsbeleid als bedoeld in voornoemd artikel in de vorm van een nota was vastgesteld en bekendgemaakt de gevraagde vrijstelling moet worden verleend. Het college dient op grond van een afweging van de betrokken belangen, waarbij betekenis toekomt aan de ruimtelijke belangen, alsmede de belangen van [appellant] bij de verzochte vrijstelling, de weigering van de vrijstelling te motiveren. De rechtbank heeft dan ook ten onrechte overwogen dat het college onbevoegd was vrijstelling te verlenen en voor een belangenafweging geen plaats is. Dit leidt echter niet tot het door [appellant] beoogde doel.