ECLI:NL:RVS:2010:BN4825
Raad van State
- Hoger beroep
- H.G. Lubberdink
- A.W.M. Bijloos
- R. van der Spoel
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen uitspraak vreemdelingenbewaring en bevoegdheid politie tot identificatie
De zaak betreft een hoger beroep van de minister tegen een uitspraak van de rechtbank die de vreemdeling in vreemdelingenbewaring had gesteld. De rechtbank had de bewaring opgeheven en schadevergoeding toegekend. De minister stelde dat de politie bevoegd was om op grond van de Politiewet 1993 artikel 8a de vreemdeling te vragen zich te identificeren, ook al was dit niet expliciet toegekend in de Vreemdelingenwet 2000.
De Raad van State oordeelde dat het niet aan de vreemdelingenrechter is om te toetsen of politiebevoegdheden die niet krachtens de Vreemdelingenwet 2000 zijn toegekend, rechtmatig zijn ingezet. De rechtbank had ten onrechte een oordeel gegeven over de aanwending van deze bevoegdheid. De Raad verklaarde het hoger beroep van de minister gegrond, vernietigde de uitspraak van de rechtbank en verklaarde het beroep van de vreemdeling ongegrond.
De vreemdeling had aangevoerd dat de minister een lichter middel had moeten toepassen, maar de Raad vond dat de minister zich in redelijkheid op het standpunt kon stellen dat bewaring noodzakelijk was. Er werd ook geen schadevergoeding toegekend en geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep van de vreemdeling wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank wordt vernietigd.