ECLI:NL:RVS:2010:BN8556
Raad van State
- Hoger beroep
- M. Vlasblom
- T.M.A. Claessens
- J.C. Kranenburg
- Rechtspraak.nl
Bevestiging vergunning kappen en verplanten bomen Beethoven Zuidas
Het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam verleende op 13 augustus 2008 een vergunning voor het kappen van 226 bomen en het verplanten van 31 bomen in het Beethoven-deelgebied van de Zuidas. De Vereniging Beethovenstraat-Parnassusweg en de Vereniging Vrienden van het Beatrixpark maakten bezwaar tegen dit besluit, waarop het college op 13 mei 2009 gedeeltelijk het bezwaar gegrond verklaarde en het besluit herroept voor enkele bomen.
De rechtbank Amsterdam verklaarde het beroep van de verenigingen tegen het besluit van het college ongegrond. De verenigingen stelden vervolgens hoger beroep in bij de Raad van State. Zij voerden onder meer aan dat het college onzorgvuldig had gehandeld door niet alle adviezen te betrekken en onvoldoende rekening had gehouden met onzekerheden over de voortgang van het bouwproject.
De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat hoewel er procedurele onzorgvuldigheden waren, deze niet tot schending van belangen leidden. Ook werd geoordeeld dat het college in redelijkheid het belang van de ontwikkeling van de Zuidas zwaarder mocht laten wegen dan het belang van het behoud van natuur- en landschapswaarden. Verder faalde het betoog over het ontbreken van een beperkte geldigheidsduur van de vergunning, omdat het 'just in time-principe' in de vergunningsvoorwaarden voorziet.
De Raad van State bevestigde de uitspraak van de rechtbank en verklaarde de hoger beroepen ongegrond. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De Raad van State bevestigt het besluit tot vergunningverlening voor het kappen en verplanten van bomen in het Beethoven-deelgebied van de Zuidas.