ECLI:NL:RVS:2010:BN9564
Raad van State
- Hoger beroep
- T.M.A. Claessens
- H.G. Lubberdink
- C.H.M. van Altena
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitspraak rechtbank inzake bezwaar tegen brief gemeente over standplaatsvergunning
Het college van burgemeester en wethouders van Heerhugowaard wees een aanvraag voor een standplaatsvergunning gedeeltelijk af. Na bezwaar en herziening werden vergunningen verleend voor bepaalde data in september 2007. Op 4 september 2007 voerde de wederpartij een telefoongesprek met een gemeentemedewerker over de locatie van de standplaats, waarna het college een brief stuurde die de inhoud van dit gesprek bevestigde.
De wederpartij stuurde vervolgens een brief waarin hij bezwaar maakte tegen de brief van 5 september 2007. De rechtbank verklaarde dit bezwaar niet-ontvankelijk, maar de Raad van State oordeelde dat de brief van het college slechts informatief was en geen besluit in de zin van de Awb, zodat het bezwaar wel ontvankelijk had moeten worden behandeld.
Verder oordeelde de Raad dat de rechtbank terecht vaststelde dat de brief van de wederpartij een verzoek tot een zelfstandig schadebesluit bevatte, waarop het college nog een besluit moet nemen. De Raad vernietigde het vonnis van de rechtbank voor zover het het bezwaar tegen de brief van 5 september 2007 niet-ontvankelijk verklaarde en verklaarde dit bezwaar zelf niet-ontvankelijk. De rest van het vonnis bleef in stand.
Uitkomst: Het bezwaar tegen de informatieve brief van 5 september 2007 is niet-ontvankelijk verklaard en het vonnis van de rechtbank is op dat punt vernietigd.