ECLI:NL:RVS:2010:BN9951
Raad van State
- Hoger beroep
- H.G. Lubberdink
- M.G.J. Parkins de Vin
- R. van der Spoel
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen afwijzing verblijfsvergunning asiel wegens bekering en bekeringsactiviteiten in Iran
De vreemdeling, een tot het christendom bekeerde voormalige moslim uit Iran, verzocht om een verblijfsvergunning asiel, welke door de staatssecretaris werd afgewezen. De rechtbank had dit besluit vernietigd, stellende dat de vreemdeling vanwege zijn bekering en mogelijke problemen bij terugkeer naar Iran in aanmerking kwam voor bescherming.
De staatssecretaris stelde hoger beroep in bij de Raad van State. Deze oordeelde dat het beleid, neergelegd in het Wijzigingsbesluit Vreemdelingencirculaire 2007/15, gebaseerd op actuele ambtsberichten, juist terughoudendheid verlangt van bekeerlingen die moslims proberen te bekeren. De vreemdeling had niet aannemelijk gemaakt dat hij deze terughoudendheid niet kan betrachten.
De Raad van State concludeerde dat de rechtbank ten onrechte het besluit van 28 januari 2008 vernietigde en dat het beroep van de vreemdeling ongegrond is. Nieuwe informatie uit latere ambtsberichten bevestigt het standpunt van de staatssecretaris. Er is geen aanleiding voor proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep van de vreemdeling wordt ongegrond verklaard en het besluit tot afwijzing van de verblijfsvergunning asiel blijft in stand.