Uitspraak
200607776/1) moet voor de toepasselijkheid van artikel 3, eerste lid, aanhef en onder k, van het Bblb de term "van niet-ingrijpende aard" niet alleen in bouwkundige zin, maar ook in stedenbouwkundige zin worden opgevat en spelen bij dit laatste aspect zowel het planologische als het feitelijk effect dat de ter beoordeling staande verandering op de omgeving heeft een rol.