Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:RVS:2010:BO4237

Raad van State

Datum uitspraak
17 november 2010
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
201003560/1/H1
Instantie
Raad van State
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Hoger beroep
Rechters
  • P.A. Offers
  • R. van Heusden
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Bevestiging bouwvergunning voor gedeeltelijke vernieuwing werktuigenloods

Het college van burgemeester en wethouders van Heeze-Leende verleende op 2 maart 2009 een bouwvergunning aan een vergunninghouder voor het gedeeltelijk vernieuwen van een werktuigenloods op een perceel te [plaats]. Tegen dit besluit maakte appellant bezwaar, dat door het college ongegrond werd verklaard. Vervolgens stelde appellant beroep in bij de rechtbank 's-Hertogenbosch, die het beroep op 9 maart 2010 ongegrond verklaarde.

Appellant stelde hoger beroep in bij de Raad van State. Hij voerde aan dat het gebruik van de loods in strijd zou zijn met het bestemmingsplan "Buitengebied Leende". De Afdeling bestuursrechtspraak stelde vast dat de vernieuwing van het dak en de wanden niet leidt tot een ander gebruik van de loods en dat het college terecht heeft geoordeeld dat het beoogde gebruik niet in strijd is met het bestemmingsplan.

De Raad van State bevestigde de uitspraak van de rechtbank en verklaarde het hoger beroep ongegrond. Er werd geen aanleiding gezien voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak werd gedaan door een enkelvoudige kamer op 17 november 2010.

Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.

Uitspraak

201003560/1/H1.
Datum uitspraak: 17 november 2010
AFDELING
BESTUURSRECHTSPRAAK
Uitspraak op het hoger beroep van:
[appellant], wonend te [woonplaats],
tegen de uitspraak van de rechtbank 's-Hertogenbosch van 9 maart 2010 in zaak nr. 09/2818 in het geding tussen:
[appellant]
en
het college van burgemeester en wethouders van Heeze-Leende.
1. Procesverloop
Bij besluit van 2 maart 2009 heeft het college aan [vergunninghouder] bouwvergunning verleend voor het gedeeltelijk vernieuwen van een werktuigenloods op het perceel [locatie] te [plaats] (hierna: het perceel).
Bij besluit van 7 juli 2009 heeft het college het door [appellant] daartegen gemaakte bezwaar ongegrond verklaard.
Bij uitspraak van 9 maart 2010, verzonden op diezelfde dag, heeft de rechtbank het door [appellant] daartegen ingestelde beroep ongegrond verklaard. Deze uitspraak is aangehecht.
Tegen deze uitspraak heeft [appellant] bij brief, bij de Raad van State ingekomen op 13 april 2010, hoger beroep ingesteld.
Het college heeft een verweerschrift ingediend.
De zaak is door een meervoudige kamer van de Afdeling verwezen naar een enkelvoudige.
De Afdeling heeft de zaak ter zitting behandeld op 29 oktober 2010, waar [appellant], vertegenwoordigd door [gemachtigde], en het college, vertegenwoordigd door mr. R.S. Klaver, werkzaam bij de gemeente, zijn verschenen. Voorts is ter zitting [vergunninghouder], vertegenwoordigd door ing. J.W.L. Thijs, als partij gehoord.
2. Overwegingen
2.1. Het bouwplan voorziet in het vernieuwen van het dak en de wanden van de loods op het perceel.
2.2. [appellant] heeft betoogd dat de rechtbank ten onrechte heeft overwogen dat het (beoogde) gebruik van de loods niet in strijd met het ten tijde van de aanvraag geldende bestemmingsplan "Buitengebied Leende" is.
2.3. De Afdeling stelt vast dat de argumenten die [appellant] naar voren brengt, overeenkomen met hetgeen hij in hoger beroep in zaak nr.
201003559/1heeft aangevoerd tegen de uitspraak van de rechtbank 's-Hertogenbosch van 9 maart 2010, betreffende de aan [vergunninghouder] verleende bouwvergunningen eerste en tweede fase voor de uitbreiding van de loods. Vastgesteld wordt dat door de vernieuwing van het dak en de wanden niet een ander gebruik van de loods mogelijk wordt gemaakt. Bij uitspraak van heden in zaak nr.
201003559/1, heeft de Afdeling het hoger beroep van [appellant] ongegrond verklaard. Daarin wordt overwogen dat de rechtbank terecht heeft overwogen dat het college zich op het standpunt heeft mogen stellen dat niet aannemelijk is dat het (beoogde) gebruik niet strookt met het bestemmingsplan. In hetgeen [appellant] tegen de aangevallen uitspraak heeft aangevoerd, bestaat geen grond anders te oordelen dan de Afdeling in genoemde uitspraak heeft gedaan. Het betoog faalt.
2.4. Het hoger beroep is ongegrond. De aangevallen uitspraak dient te worden bevestigd.
2.5. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.
3. Beslissing
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State
Recht doende in naam der Koningin:
bevestigt de aangevallen uitspraak.
Aldus vastgesteld door mr. P.A. Offers, lid van de enkelvoudige kamer, in tegenwoordigheid van mr. R. van Heusden, ambtenaar van staat.
w.g. Offers w.g. Van Heusden
lid van de enkelvoudige kamer ambtenaar van staat
Uitgesproken in het openbaar op 17 november 2010
163-627.