ECLI:NL:RVS:2010:BO4847
Raad van State
- Voorlopige voorziening
- C.H.M. van Altena
- H. Oranje
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening tegen uitspraak rechtbank inzake terugbetaling uitkeringskosten rijksbijdragen
De zaak betreft een geschil tussen een stichting voor beroepsonderwijs en de staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap over de terugbetaling van uitkeringskosten die ten onrechte op rijksbijdragen over de jaren 2004-2006 in mindering zouden zijn gebracht.
De staatssecretaris wees het verzoek van de stichting om terugbetaling af en verklaarde het bezwaar ongegrond. De rechtbank gaf de stichting in mei 2010 gelijk en vernietigde het besluit, met de instructie aan de staatssecretaris om opnieuw te beslissen.
De staatssecretaris stelde hiertegen hoger beroep in bij de Raad van State en verzocht om een voorlopige voorziening om uitvoering van de rechtbankuitspraak te schorsen. De voorzitter van de Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat geen bijzondere omstandigheden waren aangevoerd die onmiddellijke uitvoering rechtvaardigen en besloot dat de staatssecretaris de uitspraak van de rechtbank niet hoefde te volgen totdat het hoger beroep is afgehandeld.
Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak betreft een voorlopige voorziening en is niet bindend voor de bodemprocedure.
Uitkomst: De staatssecretaris hoeft geen gevolg te geven aan de uitspraak van de rechtbank totdat het hoger beroep is beslist.