ECLI:NL:RVS:2010:BO6800
Raad van State
- Voorlopige voorziening
- J.H. van Kreveld
- T.L.J. Drouen
- Rechtspraak.nl
Bevoegdheid voorzieningenrechter rechtbank bij voorlopige voorzieningen na wetswijziging Wet milieubeheer
De zaak betreft een verzoek om voorlopige voorziening door NVI tegen een last onder dwangsom opgelegd door het college van gedeputeerde staten van Gelderland wegens overtreding van het Oplosmiddelenbesluit.
Per 1 oktober 2010 is de Wet milieubeheer gewijzigd, waarbij besluiten als bedoeld in artikel 1.3, eerste lid, 8.40a of 8.42 Wet milieubeheer niet langer bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State maar bij de rechtbank kunnen worden aangevochten. De voorzitter stelt vast dat de wetgever geen overgangsrecht heeft opgenomen voor deze besluiten.
De voorzitter concludeert dat het tijdstip van bekendmaking van het besluit bepalend is voor de rechtsmachtverdeling. Omdat het primaire besluit na 30 september 2010 is bekendgemaakt, is de voorzieningenrechter van de rechtbank bevoegd om over het verzoek te beslissen.
Daarom verklaart de voorzitter zich onbevoegd en zendt het verzoek om voorlopige voorziening door aan de bevoegde voorzieningenrechter van de rechtbank Arnhem.
Uitkomst: De voorzitter verklaart zich onbevoegd en zendt het verzoek om voorlopige voorziening door aan de voorzieningenrechter van de rechtbank Arnhem.