ECLI:NL:RVS:2010:BO7331
Raad van State
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Ongegrond beroep tegen maatwerkvoorschriften geluidniveau voor horecagelegenheid in Zeist
Het college van burgemeester en wethouders van Zeist stelde op 9 maart 2010 maatwerkvoorschriften vast voor een horecagelegenheid aan een locatie in Zeist, waarbij geluidgrenswaarden werden vastgesteld voor het langtijdgemiddeld beoordelingsniveau (LAr,LT) en de gebruiksduur van een afzuiginstallatie werd beperkt.
Appellant stelde dat de geluidgrenswaarde voor de avondperiode te hoog was en dat de geluidmetingen niet representatief waren omdat deze niet op de meest relevante gevel waren uitgevoerd. Het college motiveerde de grenswaarden mede op basis van een gemeentelijke geluidsnota en gaf aan dat aanvullende maatregelen kostbaar en disproportioneel zouden zijn.
De Raad van State oordeelde dat het college met haar motivering in redelijkheid tot de vastgestelde grenswaarden heeft kunnen komen en dat de geluidmetingen, waaronder een meting op de achtergevel met hogere geluidimmissie, voldoende representatief waren. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard.
Er werd geen aanleiding gezien voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak werd gedaan door de enkelvoudige kamer van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State op 15 december 2010.
Uitkomst: Het beroep tegen de maatwerkvoorschriften geluidniveau is ongegrond verklaard.