ECLI:NL:RVS:2010:BO7341
Raad van State
- Eerste aanleg - meervoudig
- Th.C. van Sloten
- M.A.A. Mondt-Schouten
- N.S.J. Koeman
- Rechtspraak.nl
Ongegrond beroep tegen vaststelling bestemmingsplan uitbreiding bedrijventerrein Kop van Broeklanden
De maatschap stelde beroep in tegen het bestemmingsplan 'Bedrijventerrein Kop van Broeklanden' en de bijbehorende geluidzone, vastgesteld door de raad van Hardenberg. Het beroep betrof onder meer de ontvankelijkheid, procedurele onregelmatigheden, de noodzaak van een milieueffectrapportage (MER), en materiële bezwaren zoals hinder door geluid en wateroverlast.
De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat de maatschap als belanghebbende kan worden aangemerkt vanwege mogelijke waterhuishoudkundige gevolgen. De vermeende onregelmatigheid met betrekking tot hyperlinks op de gemeentelijke website kon het besluit niet aantasten. De raad hoefde geen MER op te stellen omdat de totale oppervlakte van de bedrijventerreinen onder de drempelwaarde van 75 hectare bleef en de geluidzones en ontsluitingsweg niet bij de oppervlakte werden betrokken.
Verder concludeerde de Afdeling dat het plan niet in strijd is met provinciaal beleid omtrent ecologische verbindingszones en dat de hinderclaims onvoldoende aannemelijk zijn. Ook de uitvoerbaarheid van het plan werd bevestigd, ondanks de financieel-economische situatie en vragen over grondverwerving. Het beroep werd ongegrond verklaard en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen het bestemmingsplan Kop van Broeklanden wordt ongegrond verklaard.