ECLI:NL:RVS:2010:BO9138
Raad van State
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- M.A.A. Mondt-Schouten
- H.E. Troost
- Rechtspraak.nl
Ongegrond verklaring van beroepen tegen vaststelling bestemmingsplan Zeeduinse Poort te Oostkapelle
De raad van de gemeente Veere stelde op 17 december 2009 het bestemmingsplan Zeeduinse Poort vast, dat voorziet in de bouw van circa 67 woningen en de aanleg van een randweg in Oostkapelle. Tegen dit besluit hebben twee appellanten beroep ingesteld bij de Raad van State.
De appellanten voerden onder meer aan dat de gevolgen voor de waterhuishouding onvoldoende waren onderzocht, dat het plan het woongenot aantast door verlies van uitzicht en privacy, en dat er onvoldoende behoefte zou zijn aan nieuwe woningen. Ook werd betoogd dat de raad onvoldoende onderzoek had gedaan naar de gevolgen van aanpassingen aan de N57 en dat de Flora- en faunawet niet goed was meegenomen.
De Raad van State oordeelde dat de waterhuishoudkundige gevolgen voldoende waren gewaarborgd, dat er geen recht bestaat op vrij uitzicht en dat de aantasting van het woongenot niet zodanig ernstig is dat het plan niet in stand kan blijven. De behoefte aan woningen werd bevestigd aan de hand van gemeentelijke beleidsstukken en onderzoek. Verder werd geoordeeld dat de raad terecht geen onderzoek naar de N57 had verricht en dat de Flora- en faunawet het plan niet in de weg staat. De overige bezwaren, waaronder over geluidsoverlast en compensatie, werden eveneens verworpen.
De Raad van State concludeert dat het bestemmingsplan in redelijkheid is vastgesteld en dat het plan voldoet aan de eisen van een goede ruimtelijke ordening. De beroepen worden ongegrond verklaard en het besluit blijft in stand.
Uitkomst: De beroepen tegen het bestemmingsplan Zeeduinse Poort worden ongegrond verklaard en het besluit blijft in stand.