ECLI:NL:RVS:2010:BO9169
Raad van State
- Hoger beroep
- P.A. Offers
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitspraak rechtbank inzake ontheffing bestemmingsplan en bouwvergunning in Laren
Het college van burgemeester en wethouders van Laren verleende op 30 juni 2009 aan een vergunninghouder ontheffing van het bestemmingsplan en een bouwvergunning voor het vergroten van een woning en het plaatsen van een overkapping op een perceel in Laren. Tevens werd een vergunning verleend krachtens artikel 10 van Pro de gemeentelijke monumentenverordening.
Appellanten a en b stelden beroep in tegen dit besluit. De voorzieningenrechter van de rechtbank Amsterdam verklaarde het beroep van appellant b ongegrond wegens het niet naar voren brengen van een zienswijze, en oordeelde dat appellant a geen belanghebbende was, waardoor haar beroep niet-ontvankelijk zou zijn. De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State vernietigt deze uitspraak omdat appellant a wel belanghebbende is en appellant b niet-ontvankelijk verklaard had moeten worden.
De Afdeling beoordeelt vervolgens de beroepsgronden van appellant a inhoudelijk en oordeelt dat het college de ontheffing terecht heeft verleend, ondanks de monumentale status van de woning en de overschrijding van de maximale bebouwingsoppervlakte, mede gelet op het positieve advies van de Commissie Welstand en Monumenten en de bescherming van de lindenlaan.
De Afdeling verklaart het hoger beroep gegrond, vernietigt de uitspraak van de rechtbank, verklaart het beroep van appellant b niet-ontvankelijk en dat van appellant a ongegrond. Tevens wordt het betaalde griffierecht terugbetaald.
Uitkomst: Het beroep van appellant b wordt niet-ontvankelijk verklaard en het beroep van appellant a ongegrond; de uitspraak van de rechtbank wordt vernietigd.