Uitspraak
200805960/1/R1.
Raad van State
Het college van gedeputeerde staten van Overijssel had bij besluit van 30 juni 2009 het bestemmingsplan Wensink Zuid vastgesteld en goedgekeurd, maar aan bepaalde onderdelen daarvan goedkeuring onthouden. Diverse appellanten, waaronder inwoners van Borne en de gemeenteraad, stelden beroep in tegen dit besluit.
De Raad van State oordeelt dat het college ten onrechte goedkeuring heeft onthouden aan onderdelen van het plan vanwege vermeende strijd met het gemeentelijke structuurplan en onvoldoende onderzoek naar bodemkwaliteit, akoestiek en waterhuishouding. Tevens is het standpunt van het college dat het luchtkwaliteitsonderzoek verouderd zou zijn onjuist. De motivering voor de onthouding van goedkeuring aan bepaalde planonderdelen is onvoldoende, waardoor die delen van het besluit worden vernietigd.
Verder wordt geoordeeld dat het college onvoldoende rekening heeft gehouden met de onderlinge samenhang en afspraken tussen betrokken partijen bij de planonderdelen voor bepaalde percelen. Ook is de financiële uitvoerbaarheid van het plan voor de aanleg van een aarden wal onvoldoende onderbouwd. Voor andere onderdelen van het plan, waaronder de plangrens en overleg met belanghebbenden, worden de beroepen ongegrond verklaard.
Tot slot veroordeelt de Raad het college tot vergoeding van proceskosten aan de appellanten en tot vergoeding van griffierechten. De uitspraak is gedaan door een meervoudige kamer van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State op 9 februari 2011.
Uitkomst: Het besluit van het college tot goedkeuring van delen van het bestemmingsplan Wensink Zuid wordt vernietigd wegens onvoldoende motivering en onderzoek, terwijl andere beroepen ongegrond worden verklaard.