ECLI:NL:RVS:2011:BP5930
Raad van State
- Hoger beroep
- H.G. Lubberdink
- M.G.J. Parkins de Vin
- C.J. Borman
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitspraak rechtbank inzake mvv-aanvraag op grond van verouderd medisch advies
De vreemdeling verzocht om een machtiging tot voorlopig verblijf (mvv) voor gezinshereniging met haar echtgenoot, die in Nederland verbleef met een verblijfsvergunning vanwege medische noodsituatie. De minister wees de aanvraag af en verklaarde het bezwaar ongegrond. De rechtbank vernietigde deze besluiten maar liet de rechtsgevolgen in stand, mede op basis van een medisch advies van het Bureau Medische Advisering (BMA) dat bijna 20 maanden oud was.
De Raad van State oordeelde dat de rechtbank ten onrechte het verouderde BMA-advies als grondslag gebruikte, aangezien het beleid adviseert geen beslissingen te nemen op medische adviezen ouder dan zes maanden. Daarnaast werd het beroep van de vreemdeling op het uitzonderingsbeleid in de Vreemdelingencirculaire 2000 afgewezen omdat de echtgenoot niet meer beschikte over een geldige verblijfsvergunning onder de medische noodsituatie.
De Raad van State verklaarde het hoger beroep gegrond, vernietigde het deel van de uitspraak van de rechtbank dat de rechtsgevolgen in stand liet, en bevestigde de rest van de uitspraak. Tevens veroordeelde zij de minister tot vergoeding van proceskosten en griffierecht. De zaak benadrukt het belang van actuele medische adviezen bij beslissingen over verblijfsvergunningen.
Uitkomst: De Raad van State vernietigt het deel van de uitspraak van de rechtbank dat de rechtsgevolgen van de besluiten in stand liet vanwege een verouderd medisch advies.