ECLI:NL:RVS:2011:BP7164

Raad van State

Datum uitspraak
9 maart 2011
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
201007204/1/H2
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Bestuursrecht
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Hoger beroep
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 8:57 Awb
Verwijzingen
3 uitgaand · 1 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Bevestiging afwijzing verzoek toelating studie Geneeskunde onder hardheidsclausule

Appellante verzocht bij de hoofddirectie van de Informatie Beheer Groep om toelating tot de studie Geneeskunde voor het studiejaar 2010-2011 op grond van de hardheidsclausule. Dit verzoek werd bij besluit van 16 november 2009 afgewezen. Vervolgens verklaarde de minister het bezwaar van appellante tegen dit besluit ongegrond. De voorzieningenrechter van de rechtbank Groningen bevestigde deze afwijzing in een uitspraak van 15 juni 2010.

Appellante stelde hiertegen hoger beroep in bij de Raad van State. De Afdeling bestuursrechtspraak heeft het hoger beroep behandeld zonder nadere zitting, na toestemming van partijen. Eerder was een verzoek tot het treffen van een voorlopige voorziening door de voorzitter van de Afdeling bestuursrechtspraak afgewezen.

De Raad van State oordeelt dat de gronden van appellante onvoldoende aanleiding geven om af te wijken van het eerdere oordeel van de voorzieningenrechter en bevestigt daarom het bestreden besluit. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is in het openbaar gedaan op 9 maart 2011 door een enkelvoudige kamer.

Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en het bestreden besluit bevestigd.

Uitspraak

201007204/1/H2.
Datum uitspraak: 9 maart 2011
AFDELING
BESTUURSRECHTSPRAAK
Uitspraak op het hoger beroep van:
[appellante], wonend te [woonplaats],
tegen de uitspraak van de voorzieningenrechter van de rechtbank Groningen van 15 juni 2010 in zaak nrs. 10/463 en 10/464 in het geding tussen:
[appellante]
en
de minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, Dienst Uitvoering Onderwijs.
1. Procesverloop
Bij besluit van 16 november 2009 heeft de hoofddirectie van de Informatie Beheer Groep (thans: de minister) het verzoek van [appellante] om onder toepassing van de hardheidsclausule te worden toegelaten tot de studie Geneeskunde voor het studiejaar 2010-2011 afgewezen.
Bij besluit van 26 maart 2010 heeft de minister het door [appellante] daartegen gemaakte bezwaar ongegrond verklaard.
De voorzieningenrechter heeft het door [appellante] daartegen ingestelde beroep ongegrond verklaard. Deze uitspraak is aangehecht.
Tegen deze uitspraak heeft [appellante] bij brief, bij de Raad van State ingekomen op 26 juli 2010, hoger beroep ingesteld.
De minister heeft een verweerschrift ingediend.
De zaak is door een meervoudige kamer van de Afdeling verwezen naar een enkelvoudige.
Partijen hebben de Afdeling desgevraagd toestemming gegeven om op grond van artikel 8:57 van Pro de Algemene wet bestuursrecht (hierna: de Awb) een nadere zitting achterwege te laten, waarna het onderzoek is gesloten.
2. Overwegingen
2.1. Bij uitspraak van 20 augustus 2010, in zaak nr. 201007204/2 heeft de voorzitter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State het verzoek van [appellante] tot het treffen van een voorlopige voorziening afgewezen. In deze uitspraak, die is aangehecht, heeft de voorzitter een voorlopig oordeel gegeven over de hogerberoepsgronden. In hetgeen door [appellante] in hoger beroep is aangevoerd, ziet de Afdeling geen aanleiding om anders te oordelen dan de voorzitter in voormelde uitspraak heeft gedaan.
Het hoger beroep is ongegrond. De aangevallen uitspraak dient te worden bevestigd.
2.2. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.
3. Beslissing
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State
Recht doende in naam der Koningin:
bevestigt de aangevallen uitspraak.
Aldus vastgesteld door mr. C.J. Borman, lid van de enkelvoudige kamer, in tegenwoordigheid van mr. A.M. van Meurs-Heuvel, ambtenaar van staat.
w.g. Borman w.g. Van Meurs-Heuvel
lid van de enkelvoudige kamer ambtenaar van staat
Uitgesproken in het openbaar op 9 maart 2011
47-680.