ECLI:NL:RVS:2011:BQ2615
Raad van State
- Hoger beroep
- C.J. Borman
- M.R. Poot
- Rechtspraak.nl
Bevestiging niet-ontvankelijkheid bezwaar wegens termijnoverschrijding bij peiljaarverlegging
Het bestuur wees het verzoek van appellant om peiljaarverlegging af bij besluit van 16 december 2009. Appellant diende op 3 februari 2010 een bezwaarschrift in, dat buiten de zeswekentermijn viel. Het bestuur verklaarde het bezwaar niet-ontvankelijk wegens termijnoverschrijding. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en oordeelde dat de termijnoverschrijding niet verschoonbaar was, mede omdat appellant en zijn advocaat de mogelijkheid hadden een pro forma bezwaar in te dienen.
Appellant stelde in hoger beroep dat de termijnoverschrijding wel verschoonbaar was, maar de Raad van State zag geen reden om het oordeel van de rechtbank te wijzigen. De aangevoerde argumenten waren een herhaling van eerdere stellingen en boden geen nieuwe gronden. De Raad van State bevestigde daarom de uitspraak van de rechtbank en wees het hoger beroep af.
Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak werd zonder zitting gedaan op basis van schriftelijke stukken en toestemming van partijen. De beslissing onderstreept het belang van het tijdig indienen van bezwaarschriften en de beperkte ruimte voor verschoonbaarheid bij termijnoverschrijding.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de niet-ontvankelijkverklaring van het bezwaar wegens termijnoverschrijding wordt bevestigd.