ECLI:NL:RVS:2011:BQ2721
Raad van State
- Hoger beroep
- H.G. Lubberdink
- R. van der Spoel
- M.A.A. Mondt Schouten
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitspraak over detentieomstandigheden minderjarige asielzoeker in AC Schiphol
De zaak betreft het hoger beroep van een minderjarige alleenstaande asielzoeker tegen een uitspraak van de rechtbank die zijn beroep tegen de vreemdelingenbewaring in AC Schiphol ongegrond verklaarde. De vreemdeling verbleef met onderbrekingen in totaal tien dagen in AC Schiphol, een penitentiaire omgeving zonder specifieke faciliteiten voor minderjarigen.
De Raad van State overweegt dat hoewel minderjarige asielzoekers kwetsbaar zijn, het verblijf in AC Schiphol onder bepaalde voorwaarden toelaatbaar is, met een maximale duur van vier dagen. Het verblijf van de vreemdeling overschreed deze termijn, waardoor de rechtbank ten onrechte oordeelde dat de maatregel niet onrechtmatig was.
De Afdeling bestuursrechtspraak vernietigt de uitspraak van de rechtbank en verklaart het beroep gegrond voor zover het ziet op de tenuitvoerlegging van de bewaring. De Staat wordt veroordeeld tot betaling van een schadeloosstelling van €150 aan de vreemdeling en tot vergoeding van proceskosten. Het beroep wordt voor het overige ongegrond verklaard.
Uitkomst: De Raad van State vernietigt de uitspraak van de rechtbank en kent een schadeloosstelling toe wegens onrechtmatige detentie langer dan vier dagen in AC Schiphol.