Uitspraak
201001713/1/H2.
201001713/1/H2, heeft de Afdeling het door [verzoeker] ingestelde hoger beroep ongegrond verklaard en de aangevallen uitspraak bevestigd. De uitspraak is aangehecht.
Raad van State
Het verzoek tot herziening betreft een bestuursrechtelijke zaak waarin het dagelijks bestuur op 25 november 2008 het bezwaar van verzoeker tegen een ontheffing voor het hebben van een afrastering en/of beplanting nabij oppervlaktewater ongegrond verklaarde. De rechtbank en de Afdeling bestuursrechtspraak bevestigden deze beslissing in eerdere uitspraken.
Verzoeker heeft vervolgens een herzieningsverzoek ingediend op grond van artikel 8:88 Awb Pro, stellende dat er feiten of omstandigheden zijn die tot een andere uitspraak zouden kunnen leiden. De Afdeling oordeelt echter dat verzoeker geen nieuwe feiten of omstandigheden heeft gesteld die voor de uitspraak van 22 september 2010 niet bekend waren of redelijkerwijs niet bekend konden zijn.
De Afdeling benadrukt dat het herzieningsverzoek niet bedoeld is om een reeds beslecht geschil opnieuw te behandelen. Gezien het ontbreken van nieuwe feiten wordt het verzoek afgewezen. Tevens is er geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het verzoek tot herziening van de bestuursrechtelijke uitspraak wordt afgewezen wegens het ontbreken van nieuwe feiten of omstandigheden.