ECLI:NL:RVS:2011:BQ7425
Raad van State
- Eerste aanleg - meervoudig
- R.J. Hoekstra
- J.G.C. Wiebenga
- W.J. Deetman
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit gemeente Zwartewaterland over permanente bewoning recreatiewoningen De Molenwaard
In maart 2009 verwierp de gemeenteraad van Zwartewaterland het initiatiefvoorstel van de SGP/HKV-fractie betreffende permanente bewoning van recreatiewoningen in De Molenwaard. Appellanten maakten bezwaar tegen dit besluit, dat door de raad in februari 2010 ongegrond werd verklaard. Vervolgens stelden zij beroep in bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
De Afdeling oordeelde dat het raadsbesluit geen besluit in de zin van artikel 1:3, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) is, omdat het initiatiefvoorstel niet strekte tot vaststelling van een bestemmingsplan maar slechts tot het geven van een opdracht aan het college van burgemeester en wethouders om een wijzigingsprocedure te starten. Hierdoor was het besluit niet gericht op rechtsgevolg en was bezwaar en beroep tegen dit besluit niet mogelijk.
De Afdeling verklaarde de beroepen gegrond, vernietigde het bestreden besluit en verklaarde het bezwaar van appellanten niet-ontvankelijk. Tevens werd het besluit vervangen door deze uitspraak. De gemeente werd veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierechten aan appellanten, met specifieke bedragen toegekend voor rechtsbijstand en griffierechten.
Deze uitspraak verduidelijkt de reikwijdte van het begrip besluit onder de Awb en bevestigt dat een opdracht aan het college om een procedure te starten geen besluit is waartegen bezwaar en beroep openstaan.
Uitkomst: Het besluit van de gemeente Zwartewaterland wordt vernietigd en het bezwaar van appellanten wordt niet-ontvankelijk verklaard.