ECLI:NL:RVS:2011:BQ7431

Raad van State

Datum uitspraak
8 juni 2011
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
201009860/1/H1
Instantie
Raad van State
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Bestuursrecht
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Hoger beroep
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Bevestiging afwijzing handhavingsverzoek berging in strijd met bestemmingsplan

Het college van burgemeester en wethouders van Enschede wees het verzoek van appellante om handhavend op te treden tegen de berging op een perceel te Enschede af. Appellante maakte bezwaar tegen dit besluit, dat door het college ongegrond werd verklaard. Vervolgens stelde appellante beroep in bij de rechtbank Almelo, die het beroep ongegrond verklaarde. Appellante ging hiertegen in hoger beroep bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.

De Afdeling overwoog dat de berging niet in strijd is met het ter plaatse geldende bestemmingsplan "Horstlanden-Veldkamp". Dit oordeel volgt uit een gelijktijdige uitspraak in een gerelateerde zaak. Het betoog van appellante faalt daarmee. De Afdeling verklaarde het hoger beroep ongegrond en bevestigde de uitspraak van de rechtbank.

Er werd geen aanleiding gezien voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak werd in het openbaar gedaan door de enkelvoudige kamer van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State op 8 juni 2011.

Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.

Uitspraak

201009860/1/H1.
Datum uitspraak: 8 juni 2011
AFDELING
BESTUURSRECHTSPRAAK
Uitspraak op het hoger beroep van:
[appellante], wonend te Enschede,
tegen de uitspraak van de rechtbank Almelo van 29 september 2010 in zaak nr. 10/158 in het geding tussen:
[appellante]
en
het college van burgemeester en wethouders van Enschede.
1. Procesverloop
Bij besluit van 18 augustus 2009 heeft het college het verzoek van [appellante] om handhavend op te treden met betrekking tot de berging op het perceel [locatie] te Enschede (hierna: het perceel) afgewezen.
Bij besluit van 22 januari 2010 heeft het college het door [appellante] daartegen gemaakte bezwaar ongegrond verklaard.
Bij uitspraak van 29 september 2010, verzonden op 1 oktober 2010, heeft de rechtbank het door [appellante] daartegen ingestelde beroep ongegrond verklaard. Deze uitspraak is aangehecht.
Tegen deze uitspraak heeft [appellante] bij brief, bij de Raad van State ingekomen op 13 oktober 2010, hoger beroep ingesteld.
Het college heeft een verweerschrift ingediend.
De zaak is door een meervoudige kamer van de Afdeling verwezen naar een enkelvoudige.
De Afdeling heeft de zaak ter zitting behandeld op 9 mei 2011, waar [appellante], vertegenwoordigd door mr. J.M. Smits, en het college, vertegenwoordigd door A. Haer, werkzaam bij de gemeente, zijn verschenen.
2. Overwegingen
2.1. [appellante] betoogt dat de rechtbank heeft miskend dat de berging in strijd is met het ter plaatse geldende bestemmingsplan "Horstlanden-Veldkamp".
2.1.1. Bij uitspraak van heden, in zaak nr.
201009859/1/H1, heeft de Afdeling overwogen dat de berging niet in strijd is met het bestemmingsplan. Het betoog faalt.
2.2. Het hoger beroep is ongegrond. De aangevallen uitspraak dient te worden bevestigd.
2.3. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.
3. Beslissing
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State
Recht doende in naam der Koningin:
bevestigt de aangevallen uitspraak.
Aldus vastgesteld door mr. A.W.M. Bijloos, lid van de enkelvoudige kamer, in tegenwoordigheid van mr. J.A.A. van Roessel, ambtenaar van staat.
w.g. Bijloos w.g. Van Roessel
lid van de enkelvoudige kamer ambtenaar van staat
Uitgesproken in het openbaar op 8 juni 2011
457-627.