Uitspraak
200808625/1/H3. Mede in aanmerking genomen dat het Faunafonds heeft toegelicht dat onder een bijzonder geval bijvoorbeeld het plotseling aanwezig zijn en schade aanrichten van een grote zwerm vogels moet worden begrepen, hetgeen [appellante] wel in dit geval heeft gesteld, maar niet aannemelijk gemaakt, was de schade niet dusdanig onvoorzienbaar en onverwachts dat het Faunafonds op grond van artikel 9, tweede lid, van de Regeling een tegemoetkoming had moeten toekennen. Het betoog faalt.