Uitspraak
200909705/1/H1) geschiedt voor eigen risico, onvoldoende zwaarwegend geacht om de aangevallen uitspraak waarin de externe veiligheid in het geding is, te schorsen.
Raad van State
Het college van burgemeester en wethouders van Boxmeer verleende op 23 december 2008 een bouwvergunning en vrijstelling voor de bouw van 45 appartementen en één grondgebonden woning op een perceel in Boxmeer. Na bezwaar verklaarde het college het besluit van 2008 gegrond en herzag het besluit. Vervolgens verleende het college op 22 juni 2010 opnieuw de vergunning. De vereniging van eigenaars en enkele bewoners stelden beroep in tegen dit besluit, waarop de rechtbank op 24 februari 2011 het besluit vernietigde en het college opdroeg een nieuw besluit te nemen.
Het college en een verzoekster vroegen de voorzitter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State om een voorlopige voorziening tegen de uitspraak van de rechtbank. De voorzitter behandelde de verzoeken op 7 juli 2011 en oordeelde dat de vraag of het college het besluit voldoende heeft onderbouwd omtrent de externe veiligheid niet in deze voorlopige voorziening kon worden beantwoord, maar in de bodemprocedure.
De voorzitter vond dat het verzoek tot schorsing van de uitspraak van de rechtbank moest worden afgewezen, mede omdat het college in staat wordt geacht een nieuw gemotiveerd besluit te nemen en het belang van de verzoekster bij een vlotte verkoop onvoldoende zwaarwegend was om schorsing te rechtvaardigen. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen de uitspraak van de rechtbank werd afgewezen.