ECLI:NL:RVS:2011:BR3218
Raad van State
- Hoger beroep
- P.J.J. van Buuren
- H.G. Lubberdink
- F.C.M.A. Michiels
- Rechtspraak.nl
Bevestiging recht op voorschot kinderopvangtoeslag vanaf ingangsdatum schriftelijke overeenkomst
De Belastingdienst/Toeslagen had het voorschot kinderopvangtoeslag voor 2008 herzien en een bedrag van €12.945 toegekend. De rechtbank had het bezwaar van appellant gedeeltelijk gegrond verklaard en bepaald dat het recht op voorschot kinderopvangtoeslag inging op 1 september 2008, de ingangsdatum van de schriftelijke overeenkomst gesloten op 27 november 2008.
Appellant stelde dat reeds vanaf 1 januari 2008 een voorovereenkomst bestond met het gastouderbureau die recht gaf op kinderopvangtoeslag. De Raad van State oordeelde echter dat deze voorovereenkomst niet voldeed aan de vereisten van artikel 52 van Pro de Wet kinderopvang, omdat essentiële gegevens zoals prijs per uur, geboortedatum van de kinderen, aantal uren opvang en duur van de overeenkomst ontbraken.
De Raad stelde vast dat feitelijke opvang vanaf 1 januari 2008 niet relevant is zonder een geldige schriftelijke overeenkomst. Daarom faalde het beroep van appellant en werd het hoger beroep ongegrond verklaard. De uitspraak van de rechtbank werd bevestigd en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.