Uitspraak
200402518/1en 9 maart 2011 in zaak nr.
201007798/1/H3) kan de intrekking van een gedoogverklaring niet als een besluit in de zin van artikel 1:3, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht (hierna: de Awb) worden aangemerkt, behoudens bijzondere omstandigheden. Dat de gedoogverklaring onder de noemer "voorschriften en beperkingen" is opgenomen in een exploitatievergunning, dient naar het oordeel van de Afdeling niet als een dergelijke bijzondere omstandigheid te worden aangemerkt. Nu evenmin is gebleken van andere bijzondere omstandigheden, is de intrekking van de gedoogverklaring geen besluit in de zin van artikel 1:3, eerste lid, van de Awb en heeft de burgemeester het bezwaar van [appellant], nu dat zich alleen richt tegen het intrekken van de gedoogverklaring, ten onrechte ontvankelijk geacht. De rechtbank heeft dat ten onrechte niet onderkend.