Uitspraak
201101861/1/V6,
201101873/1/V6,
201101875/1/V6,
201101876/1/V6en
201101879/1/V6, ter zitting behandeld op 21 juli 2011, waar de Raad van bestuur, vertegenwoordigd door mr. L.J.A. van Amersfoort, werkzaam bij het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (hierna: UWV), is verschenen.
200704651/1) neemt de omstandigheid dat het ongeschoolde seizoenswerk als aspergesteker weinig populair is, niet weg dat, gelet op de in Nederland en in de Europese Economische Ruimte onder ongeschoolde arbeidskrachten bestaande werkloosheid, ongeschoold arbeidsaanbod ruim beschikbaar mag worden geacht en dat van een werkgever in de sector vollegrondstuinbouw mag worden verwacht dat hij op die krappe arbeidsmarkt alle mogelijkheden benut om aan voldoende personeel te komen. Voor een afzonderlijke toets of voor specifieke, minder populaire, werkzaamheden prioriteitgenietend aanbod aanwezig is, is daarom geen plaats.
200704651/1, rust volgens het door de CWI gevoerde beleid, zoals neergelegd in paragraaf 32 van de Uitvoeringsregels en paragraaf 4 van de Beleidsregels, in beginsel op degene die een aanvraag om een tewerkstellingsvergunning als bedoeld in de Wav indient, de plicht om aan te tonen dat voldoende inspanningen zijn gepleegd om prioriteitgenietend aanbod te mobiliseren ter vervulling van de arbeidsplaats. In geval de werkgever dit niet kan aantonen, dient volgens dit beleid de tewerkstellingsvergunning in beginsel te worden geweigerd. Dit beleid is niet in strijd met artikel 9, aanhef en onder a, van de Wav of anderszins rechtens niet aanvaardbaar. Hieruit volgt dat het aan [appellante] is om aan te tonen welk deel van de arbeidsplaatsen niet met prioriteitgenietend aanbod te vervullen is.
200704888/1) dat een beroep op overschrijding van de redelijke termijn op elk moment van de procedure kan worden gedaan, omdat het gaat om de redelijke termijn waarbinnen de totale procedure moet zijn afgerond.
201101873/1/V6,
201101875/1/V6,
201101876/1/V6en
201101887/1/V6.