ECLI:NL:RVS:2011:BT2830
Raad van State
- Hoger beroep
- P.B.M.J. van der Beek-Gillessen
- Rechtspraak.nl
Bevestiging van last onder dwangsom en invordering wegens niet-tijdig bezwaar tegen bouwstop
Het dagelijks bestuur van het stadsdeel heeft aan appellant een last onder dwangsom opgelegd om bouwwerkzaamheden met bestemming kantoor op een perceel in Amsterdam te staken. Appellant maakte bezwaar tegen deze last en tegen de invordering van de dwangsom, maar diende het bezwaarschrift niet tijdig in. De rechtbank verklaarde het beroep en bezwaar ongegrond en bevestigde het besluit.
Appellant voerde aan dat hij op grond van mondelinge mededelingen mocht vertrouwen dat geen bouwvergunning nodig was en dat hij daarom geen schriftelijk bezwaar hoefde in te dienen. De Raad van State oordeelde dat een bezwaarschrift schriftelijk moet worden ingediend en dat er geen concrete, ondubbelzinnige toezeggingen waren die een gerechtvaardigde verwachting konden scheppen.
Ook het bezwaar tegen de invordering van de dwangsom faalde, omdat dit besluit gebaseerd is op het onderliggende besluit dat rechtsgeldig is. De Raad van State verklaarde het hoger beroep ongegrond en bevestigde de uitspraak van de rechtbank, zonder proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het hoger beroep is ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.