ECLI:NL:RVS:2011:BU3500
Raad van State
- Hoger beroep
- H.G. Lubberdink
- B. van Wagtendonk
- R. van der Spoel
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen afwijzing toepassing artikel 64 Vreemdelingenwet 2000 wegens medische behandeling in Tanzania
De zaak betreft het hoger beroep van de minister tegen een uitspraak van de rechtbank die het besluit tot afwijzing van de toepassing van artikel 64 van Pro de Vreemdelingenwet 2000 op een vreemdeling vernietigde. De vreemdeling had een aanvraag gedaan voor toepassing van dit artikel vanwege medische redenen, waarbij behandeling in Tanzania aan de orde was.
De minister had het Bureau Medische Advisering (BMA) gevraagd onderzoek te doen naar de behandelmogelijkheden in Tanzania. De minister stelde dat de vreemdeling niet voldoende had aangetoond dat hij de Burundese nationaliteit bezat en baseerde zich op taalanalyses die wezen op Tanzaniaanse herkomst. De minister had bovendien toegezegd dat de uitzetting pas zou plaatsvinden als de fysieke overdracht van de medische behandeling geregeld was.
De rechtbank had het besluit vernietigd omdat zij vond dat de minister zich onvoldoende had vergewist van de naleving van het fysieke overdrachtsvereiste. De Raad van State oordeelt echter dat de minister aan zijn vergewisplicht heeft voldaan door concreet aan te geven met welke instelling contact zal worden opgenomen en door de toezegging dat de vreemdeling niet zal worden uitgezet als de overdracht niet geregeld kan worden. Het BMA-advies is zorgvuldig tot stand gekomen en inzichtelijk. Het hoger beroep wordt gegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank vernietigd.
Uitkomst: Het hoger beroep van de minister wordt gegrond verklaard en het besluit tot afwijzing van artikel 64 Vreemdelingenwet 2000 wordt bevestigd.