ECLI:NL:RVS:2011:BU5397
Raad van State
- Eerste aanleg - meervoudig
- R. van der Spoel
- N.S.J. Koeman
- J. Kramer
- Rechtspraak.nl
Bestuursrechtelijke toetsing bestemmingsplan Openbaar Vaarwater Groningen
De raad van de gemeente Groningen stelde op 27 januari 2010 het bestemmingsplan 'Openbaar Vaarwater' vast, gericht op een eenduidige juridisch-planologische regeling voor woonschepen en bijbehorende oevers binnen de gemeente. Diverse appellanten, waaronder bedrijven en bewoners, stelden beroep in tegen onderdelen van het plan, met name over de aanwijzing van ligplaatsen voor woonschepen nabij bedrijfsactiviteiten en de regels omtrent bebouwing en gebruik van oevers.
Appellante sub 1 betoogde dat de aanwijzing van ligplaatsen nabij haar bedrijfslocatie onrechtmatig was vanwege mogelijke hinder en veiligheidsrisico's. De raad verdedigde het plan met verwijzing naar geldende milieunormen en redelijke afstanden. De Afdeling oordeelde dat de belangenafweging zorgvuldig was gemaakt, dat de milieuregels werden nageleefd en dat geen onaanvaardbare hinder of onveiligheid was aangetoond.
Appellant sub 2 richtte zich tegen de bouwregels en het ontbreken van koppeling met het beschermd stadsgezicht. De Afdeling vond de regeling niet onredelijk en oordeelde dat de bescherming van het stadsgezicht voldoende was gewaarborgd zonder aanvullende planregels. Ook het bezwaar tegen het gebruik van oevers door derden werd verworpen.
Appellant sub 3 en anderen klaagden over de begrenzing van het plan bij het Oosterhamrikkanaal en de regeling van bergingen. De Afdeling stelde dat de begrenzing in het kader van beleidsvrijheid van de raad viel en dat de bezwaren niet ontvankelijk waren of niet aan de orde konden komen. De beroepen werden overwegend ongegrond verklaard, met uitzondering van een niet-ontvankelijkverklaring voor een deel van het beroep van appellant sub 2.
Uitkomst: De beroepen tegen het bestemmingsplan zijn ongegrond verklaard, met uitzondering van een niet-ontvankelijkverklaring voor een deel van het beroep.