Uitspraak
200707592/1) worden ingevolge artikel 4.4 van het Reglement, voor zover thans van belang, activiteiten in het kader van de inspanningsverplichting uitsluitend in de beoordeling van een vergoedingsverzoek meegenomen, indien deze hebben plaatsgevonden voorafgaand aan de datum van ontslag. Het bevoegd gezag dient derhalve aannemelijk te maken dat voorafgaand aan het ontslag een reëel en substantieel aanbod tot outplacement is gedaan. BOOR heeft geen offerte of andere documenten kunnen overleggen waaruit een dergelijk reëel en substantieel aanbod blijkt. Uit de verklaringen van Wiersma en Moonen waarnaar BOOR heeft verwezen, valt slechts af te leiden dat voorafgaand aan het ontslag een voornemen tot het aanbieden van outplacement is gedaan. Het Participatiefonds heeft zich terecht op het standpunt gesteld dat met deze verklaringen niet aannemelijk is gemaakt dat voorafgaand aan het ontslag een substantieel en reëel aanbod tot outplacement is gedaan.