Uitspraak
200904489/1/R1, op dat in zoverre, ingevolge artikel 3.5 van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht bezien in samenhang met artikel 2.1, eerste lid, onder a en b, van die wet, een aanhoudingsverplichting geldt wat betreft het verlenen van een omgevingsvergunning voor bouwen en aanleggen ten behoeve van een activiteit waarop een exploitatieplan van toepassing is, indien er geen grond is de vergunning te weigeren en het exploitatieplan, dat voor de in de aanvraag begrepen grond is vastgesteld, nog niet onherroepelijk is.
201002916/1/R3, de beroepen tegen het reactieve aanwijzingsbesluit ongegrond heeft verklaard. Dit betekent dat de bestreden onderdelen van het bestemmingsplan en het exploitatieplan niet zullen worden bekendgemaakt en dat de termijn voor het instellen van beroep hiertegen geen aanvang zal nemen.