ECLI:NL:RVS:2012:BV1668
Raad van State
- Hoger beroep
- H.G. Lubberdink
- H.G. Sevenster
- N. Verheij
- Rechtspraak.nl
Toegang geweigerd aan vreemdeling wegens frauduleuze Britse nationaliteit en geen verblijfsrecht
De vreemdeling werd op 16 september 2009 vanuit Nederland naar het Verenigd Koninkrijk uitgezet, waar hem de toegang werd geweigerd en zijn Britse nationaliteit werd ingetrokken wegens fraude. Bij terugkeer naar Nederland op 17 september 2009 werd hem de toegang tot het Schengengebied geweigerd omdat hij geen geldig reisdocument had.
De rechtbank had het beroep van de vreemdeling tegen de toegangsweigering gegrond verklaard, maar de minister stelde hoger beroep in. De Raad van State oordeelde dat de vreemdeling nooit verblijfsrechten kon ontlenen aan de EU-richtlijn 2004/38/EG omdat zijn Britse nationaliteit frauduleus was verkregen en het paspoort was ingenomen.
De Raad stelde dat het recht op eerbiediging van het familie- en gezinsleven geen toegang aan de grens kan afdwingen, tenzij er zeer bijzondere belangen zijn die zwaarder wegen dan grensbewaking. Dit was niet het geval. Ook was het terecht dat de minister afzag van een hoorzitting omdat het beroep kennelijk ongegrond was.
De Raad vernietigde de uitspraak van de rechtbank en verklaarde het beroep van de vreemdeling ongegrond. De toegang tot Nederland werd dus terecht geweigerd.
Uitkomst: De Raad van State vernietigt de uitspraak van de rechtbank en verklaart het beroep van de vreemdeling ongegrond, waardoor de toegangsweigering terecht is.