Uitspraak
200703693/1, geven modellen noodzakelijkerwijs een abstractie van de te verwachten werkelijkheid weer. De validiteit van een model, zoals het NRM, wordt pas aangetast wanneer de uitkomsten te zeer afwijken van de redelijkerwijs te verwachten werkelijkheid.
201104518/1/R4 en 201111577/1(www.raadvanstate.nl) heeft overwogen, vergt de vaststelling van een tracébesluit een belangenafweging, waarbij politieke en bestuurlijke inzichten een belangrijke rol spelen. Bij deze afweging, waarbij ook de voor- en nadelen van alternatieven dienen te worden betrokken, heeft de minister beleidsvrijheid. De rechter heeft niet tot taak om de waarde of het maatschappelijk gewicht dat aan de betrokken belangen moet worden toegekend, naar eigen inzicht vast te stellen. De rechter kan slechts concluderen dat de door de minister te maken belangenafweging in strijd is met artikel 3:4, tweede lid, van de Awb, wanneer de betrokken belangen zodanig onevenwichtig zijn afgewogen, dat de minister niet in redelijkheid tot zijn besluit heeft kunnen komen.
201008134/1/M2is geoordeeld dat de hiervoor vermelde bepalingen niet in strijd zijn met richtlijn 2008/50/EG, omdat de grenswaarden voor zwevende deeltjes en stikstofdioxide ingevolge de richtlijn en gezien de toepassing van artikel 22 van Pro die richtlijn pas vanaf 11 juni 2011 onderscheidenlijk 1 januari 2015 gelden. Tevens heeft de Afdeling toen geoordeeld dat de bepalingen over het NSL in titel 5.2 van de Wet milieubeheer - die zijn gericht op het bereiken van de grenswaarden, voorzien in jaarlijkse rapportages over de voortgang en de uitvoering van het programma en een bevoegdheid van de minister om het programma aan te passen wanneer deze rapportages daartoe aanleiding geven - evenmin in strijd zijn met artikel 22 van Pro richtlijn 2008/50/EG.
200900883/1/H1heeft de Afdeling overwogen dat een exceptieve toetsing van het NSL-besluit aan artikel 5.12 van de Wet milieubeheer mogelijk is. In het verlengde daarvan moet worden geoordeeld dat eveneens een exceptieve toetsing van de op 13 juli 2010 gemelde wijzigingen van het NSL met toepassing van artikel 5.12, twaalfde lid, mogelijk is.
200600229/1is overwogen dat toepassing van het maatregelcriterium niet in strijd is met de Wet geluidhinder en de daarop gebaseerde regelgeving.