Uitspraak
201011984/1/R1, brengt een redelijke wetsuitleg op grond van de in die uitspraak genoemde overwegingen met zich dat artikel 3.14 van de Wro aldus moet worden begrepen dat zienswijzen geen betrekking kunnen hebben op dat deel van het ontwerpbestemmingsplan dat zijn grondslag vindt in een projectbesluit dat in rechte onaantastbaar is. Met de inwerkingtreding van de Wabo is artikel 3.14 van de Wro onder meer vernummerd naar artikel 3.10 van die wet en aangepast aan de omstandigheid dat het projectbesluit als zelfstandige rechtsfiguur is komen te vervallen en dat deze is opgegaan in de omgevingsvergunning. Geen aanleiding bestaat artikel 3.10 van de Wro anders uit te leggen. Dat betekent dat zienswijzen geen betrekking kunnen hebben op dat deel van het ontwerpbestemmingsplan dat zijn grondslag vindt in een omgevingsvergunning als bedoeld in die bepaling die in rechte onaantastbaar is.
200904373/1/H1 en 200904730/1/H1, in rechte onaantastbaar geworden.