ECLI:NL:RVS:2012:BW0785
Raad van State
- Hoger beroep
- H.G. Lubberdink
- B. van Wagtendonk
- H. Troostwijk
- Rechtspraak.nl
Bevestiging boete wegens overtreding Wet arbeid vreemdelingen voor illegale tewerkstelling krantenbezorgers
De minister legde op 15 augustus 2008 een boete van €16.000 op aan [appellante] wegens overtreding van artikel 2, eerste lid, van de Wet arbeid vreemdelingen (Wav). De rechtbank Amsterdam vernietigde dit besluit, stelde de boete vast op €15.200 en bepaalde dat deze uitspraak in de plaats treedt van het vernietigde besluit. [appellante] ging in hoger beroep bij de Raad van State.
De Raad van State overwoog dat het ruime werkgeversbegrip in de Wav, dat ook uitbestedende bedrijven omvat, niet in strijd is met het EVRM en dat de boete terecht is opgelegd. Het betoog dat [appellante] niet als werkgever kan worden aangemerkt omdat zij niet de feitelijk werkplek beheert, faalt. Ook het beroep op de Europese richtlijn 2009/52/EG, die een beperkter werkgeversbegrip kent, wordt verworpen omdat de richtlijn minimumnormen bevat en strengere nationale regels toestaat.
Verder oordeelt de Raad dat de minister voldoende bewijs heeft geleverd dat vreemdelingen daadwerkelijk kranten bezorgden zonder vergunning. Het verzoek om getuigen te horen wordt afgewezen wegens onvoldoende belang. De Raad stelt dat [appellante] onvoldoende maatregelen heeft getroffen om overtreding te voorkomen en dat de boete proportioneel is, ondanks het ontbreken van financieel voordeel en eerdere boetes. Klachten over schending van artikel 10 en Pro 14 EVRM worden verworpen. De redelijke termijn is niet overschreden. Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: De Raad van State bevestigt de boete van €15.200 wegens overtreding van de Wet arbeid vreemdelingen en wijst het hoger beroep van [appellante] af.