Uitspraak
201010617/1/H2) kunnen slechts in uitzonderingssituaties, welke zich hier niet voordoen, hiertegen gerichte gronden leiden tot vernietiging van de aangevallen uitspraak.
Raad van State
De Belastingdienst heeft bij besluit van 1 september 2010 de zorgtoeslag voor het jaar 2009 definitief vastgesteld op €693,00, het maximale bedrag dat voor dat jaar kan worden toegekend. Appellant maakte bezwaar tegen dit besluit, dat door de Belastingdienst en later ook door de rechtbank Breda ongegrond werd verklaard.
Appellant stelde in hoger beroep dat de rechtbank ten onrechte zijn beroep tegen het niet tijdig beslissen op zijn bezwaarschrift over de zorgtoeslag 2011 niet had gevoegd bij de onderhavige procedure. Dit betoog werd verworpen omdat de rechtbank bevoegd is om te voegen maar daartoe niet verplicht is, en er geen uitzonderingssituaties waren die tot vernietiging van de uitspraak konden leiden.
Voorts voerde appellant aan dat de Belastingdienst had moeten afwijken van de Wet op de zorgtoeslag (Wzt) vanwege strijd met internationale rechtsregels of algemene rechtsbeginselen, dan wel vanwege bijzondere omstandigheden. De Raad van State bevestigde dat de rechtbank terecht had geoordeeld dat de Wzt niet buiten toepassing kan worden gelaten en dat de rechter een formele wet niet mag toetsen aan algemene rechtsbeginselen. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.