Uitspraak
201010887/1/H1) dienen de werkzaamheden, indien een onlosmakelijke samenhang daartussen bestaat, als één geheel te worden beschouwd voor de bevoegdheid tot handhaving van het college. Hierbij heeft de Afdeling aansluiting gezocht bij haar jurisprudentie over de aanvraag om bouwvergunning, waarin is bepaald dat splitsing van een bouwplan dat uit verschillende onderdelen bestaat, waaronder mogelijk op zichzelf beschouwd niet-vergunningplichtige onderdelen, in beginsel niet mogelijk is en de onderdelen als één geheel dienen te worden beschouwd. Het bouwplan kan alleen worden gesplitst indien het bestaat uit onderdelen die in functioneel en bouwkundig opzicht van elkaar kunnen worden onderscheiden, hetgeen in de onderhavige zaak niet het geval is. Hieruit volgt dat, anders dan de rechtbank heeft overwogen, het college bevoegd is om handhavend op te treden tegen alle onder 2.1 genoemde wijzigingen. De rechtbank heeft, gelet op hetgeen hierna onder 2.5.3 wordt overwogen, evenwel terecht, zij het op andere gronden, de rechtsgevolgen van het besluit, voor zover het betreft het verlagen van het plafond van de begane grondverdieping, in stand gelaten. Het betoog faalt.
201107961/1/A1) is voor de vraag of concreet zicht op legalisering bestaat, op grond waarvan van handhavend optreden kan worden afgezien, het bepaalde in de Wabo echter wel van belang. Nu voor de hiervoor onder 2.1 genoemde wijzigingen onder de Wabo mogelijk geen vergunning is vereist, zal de Afdeling hierna bezien of, gelet op artikel 2.1 van de Wabo gelezen in verbinding met artikel 2.3, eerste lid, van het Besluit omgevingsrecht (hierna: het Bor) alsmede artikel 3, aanhef en onder 8, van bijlage II van het Bor, de rechtsgevolgen van het door de rechtbank vernietigde besluit van 27 juli 2010, voor zover het de vraag betreft of voor de wijzigingen een vergunning is vereist, geheel in stand kunnen worden gelaten.
200803770/1), zijn bij het verbouwen van een bouwwerk ten aanzien van het gedeelte van het bouwwerk dat wordt veranderd in beginsel de nieuwbouweisen van het Bouwbesluit van toepassing. Nu de wijzigingen zien op het verbouwen van het bouwwerk, heeft de rechtbank terecht overwogen dat de nieuwbouweisen van het Bouwbesluit daarop van toepassing zijn. [appellante sub 1] noch het college heeft aannemelijk gemaakt dat het geluidsniveau van het toilet aan de nieuwbouweisen van het Bouwbesluit voldoet. Evenmin is hiervan ontheffing op grond van het Bouwbesluit verleend. De rechtbank heeft terecht overwogen dat het besluit van 27 juli 2010 op dit punt onvoldoende is gemotiveerd. De rechtbank heeft voorts terecht overwogen dat het college het rapport Vitrov, voor zover daarbij is geoordeeld dat de begane grondvloer is aangelegd in overeenstemming met het Bouwbesluit, niet aan zijn besluitvorming ten grondslag heeft kunnen leggen. Volgens het door het college overgelegde rapport van Vitrov voldoet de begane grondvloer aan zowel de eisen voor bestaande bouw als de nieuwbouweisen van het Bouwbesluit. Vitrov heeft echter, zoals de rechtbank terecht heeft geoordeeld, in het rapport onvoldoende onderzoek gedaan naar de fundering. De betogen falen.